Nederlands havo

Examenrooster

CSE 1e tijdvak

Vrijdag 17 mei 2024 13:30 - 16:30

Examenstof

Vakspecifieke informatie

De vakspecifieke informatie volgt met de Septembermededeling.

Hulpmiddelen

Vakspecifieke vragen

Wat is de betrokkenheid van docenten bij de ontwikkeling van het CE Nederlands havo?

Bij de ontwikkeling van de centrale examens Nederlands havo zijn aan de kant van Cito drie eerstegraads examenklasdocenten in de constructiegroep betrokken. Zij worden aangestuurd door een toetsdeskundige. Dit is de vierde persoon met eveneens een eerstegraadsbevoegdheid Nederlands en met ruime onderwijservaring. Aan de zijde van het College voor Toetsen en Examens (CvTE) zitten er ook drie examenklasdocenten in de vaststellingscommissie, maar dan voor havo en vwo samen. De vierde persoon in de vaststellingscommissie is de voorzitter. De voorzitter is werkzaam in het wetenschappelijk onderwijs.

De opgaven voor de examens van het eerste tijdvak havo worden gepretest. Bij deze pretest zijn per examen ruim 25 docenten betrokken. Naast de antwoorden van hun leerlingen op de pretestvragen geven zij de examenmakers ook hun eigen opmerkingen mee bij het pretestmateriaal.

Dit schooljaar vindt voor het eerste tijdvak examen havo een zogenaamde testcorrectie plaats. Dit is een test met het correctievoorschrift waarbij 20 docenten Nederlands zijn uitgenodigd om de dag na de afname van het examen het examenwerk van hun leerlingen aan de hand van een voorlopig correctievoorschrift te bespreken. De suggesties ter verbetering van het voorlopige correctievoorschrift van deze docenten, bespreekt de vaststellingscommissie van het CvTE en de suggesties kunnen leiden tot aanpassingen in het correctievoorschrift. Het definitieve correctievoorschrift is hierdoor later beschikbaar.

Hoe ziet de pretest eruit bij de centrale examens Nederlands havo en vwo?

Voor de examens in het eerste tijdvak vindt een pretest plaats. Voor de pretest van een examen wordt meer materiaal ontwikkeld dan kan worden opgenomen in een examen (ongeveer 150 procent van het benodigde aantal opgaven). De nieuwe opgaven worden gecombineerd met ankeropgaven en in toetsboekjes van ongeveer 25 opgaven afgenomen in schoolklassen waarvan zeker is dat de leerlingen de opgaven niet in hun centraal examen zullen terugzien. De afname van zo’n pretesttoets(boekje) is niet vrijblijvend. Het wordt daarom op de betreffende scholen ook wel gebruikt als een toets waar iets van afhangt voor de leerlingen. Zo’n twee jaar voor de daadwerkelijke afname van het betreffende centraal examen vindt de pretest plaats.

Voorafgaand aan de pretest heeft de vaststellingscommissie van het CvTE de pretestopgaven vastgesteld. De pretest vormt voor de commissie niet alleen een extra check voor de inhoudelijke deugdelijkheid van de opgaven, ook worden op basis van de resultaten van de pretest de moeilijkheidsgraad en de psychometrische betrouwbaarheid van elke opgave berekend. De informatie uit de pretest is leidend voor de keuze van de opgaven voor het echte examen. Van de pretestopgaven valt vaak een derde van de opgaven af, omdat zij op grond van toetstechnische en inhoudelijke kenmerken niet goed genoeg lijken te werken. Daarnaast geeft de pretest inzicht in de moeilijkheidsgraad van de opgaven ten opzichte van de ankeropgaven, waarmee ook opgaven uit eerdere examens zijn vergeleken.