Wiskunde vmbo kb

Examenrooster

Afnameperiode bb- en kb-flex

Woensdag 1 april 2026 t/m vrijdag 17 juli 2026

Examenstof

Vakspecifieke informatie

Hulpmiddelen

Vakspecifieke vragen

Wiskunde: Hoe ga je bij wiskunde vmbo om met meerdere afrondfouten in een tabel?

Als een leerling fout afrondt in een tabel, hiervoor in totaal 1 scorepunt in mindering brengen. Dit is in lijn met algemene regel 5 van het correctievoorschrift. Algemene regel 5: een fout mag in de uitwerking van een vraag maar één keer worden aangerekend, tenzij daardoor de vraag aanzienlijk vereenvoudigd wordt en/of tenzij in het beoordelingsmodel anders is vermeld. Algemene regel 5 is algemene regel 3 van het correctievoorschrift bij de flexibele en digitale examens vmbo bb en kb. 

Wiskunde: Hoe geef ik scorepunten bij een vraag waarbij een kandidaat moet inklemmen voor het juiste antwoord in het wiskunde vmbo-examen?

Meestal worden er bij een vraag waarbij een kandidaat moet inklemmen 3 scorepunten verdeeld: 1 scorepunt voor de juiste ondergrens, 1 scorepunt voor de juiste bovengrens en 1 scorepunt voor de juiste conclusie. Dit laatste scorepunt kan alleen toegekend worden als zowel de juiste ondergrens als de juiste bovengrens zijn gegeven. Als een van deze grenzen ontbreekt is de conclusie onvoldoende onderbouwd en wordt er dus maximaal 1 scorepunt toegekend.

Wiskunde: Hoe ga je om met tussentijds afronden in het wiskunde vmbo-examen?

In de syllabus staat dat leerlingen moeten weten dat voortijdig afronden (of afkappen) ongewenste gevolgen kan hebben voor een gewenste nauwkeurigheid. Aan het werk van een leerling is niet te zien of een leerling een tussenantwoord afgerond of afgekapt heeft opgeschreven, maar daarna heeft doorgerekend met het niet afgeronde antwoord in de rekenmachine.

Daarom is de stelregel dat tussenantwoorden afgerond of afgekapt genoteerd mogen worden. Als corrector kijk je naar het eindantwoord. Als dat juist is, mag je ervan uitgaan dat de leerling niet tussentijds heeft afgerond. Als daarentegen bij een vraag wordt doorgerekend met tussenantwoorden die afgerond of afgekapt zijn, en dit leidt tot een ander eindantwoord dan wanneer doorgerekend is met niet afgeronde tussenantwoorden, dan wordt dit gezien als een rekenfout en wordt bij de betreffende vraag 1 scorepunt in mindering gebracht.

In het beoordelingsmodel staan achter tussenantwoorden vaak puntjes, bijvoorbeeld 3,28… . Dit is om aan te geven dat in het beoordelingsmodel niet het hele tussenantwoord staat. Er zijn correctoren die van leerlingen verwachten dat zij ook puntjes achter een tussenantwoord zetten. Maar het is niet nodig dat leerlingen dit ook doen. Het mag, maar het hoeft niet. 

Wiskunde: Hoe ga je bij wiskunde vmbo om met het antwoord van een leerling als deze gebruikmaakt van een verhoudingstabel?

Als een leerling in het antwoord gebruikmaakt van een tabel waarin de verhoudingen vakinhoudelijk correct zichtbaar worden gemaakt (de zogenaamde verhoudingstabel) dan kun je een dergelijk antwoord goed rekenen op grond van algemene regel 3.3 (regel 2.3 voor digitale examens)* van het correctievoorschrift.

*Regel 3.3 (2.3 voor digitaal): indien een antwoord op een open vraag niet in het beoordelingsmodel voorkomt en dit antwoord op grond van aantoonbare, vakinhoudelijke argumenten als juist of gedeeltelijk juist aangemerkt kan worden, moeten scorepunten worden toegekend naar analogie of in de geest van het beoordelingsmodel.