Bevoegd gezag

Bevoegd gezag

De geel gemarkeerde tekst is nieuw ten opzichte van de tekst in de jaarringen tot en met 2021.

Het bevoegd gezag (zie Eindexamenbesluit VO artikel 1), ook wel het bestuur genoemd, is het hoogste gezagsorgaan van de school. Alles wat het personeel van de school doet, valt onder de eindverantwoordelijkheid van het bevoegd gezag, dus ook de uitvoering van het eindexamen. Uiteraard moet worden voldaan aan de wettelijke eisen. Daarnaast is het aan het bevoegd gezag om duidelijk te zijn over de kwaliteitseisen die vanuit de organisatie nog aanvullend worden gesteld aan de kwaliteit van het examenproces, de vanuit visie bepaalde interne kwaliteitsstandaard.

In de praktijk van alle dag hebben kandidaten met de directeur te maken. Veel van de onderdelen die in het Eindexamenbesluit VO zijn toebedeeld aan het bevoegd gezag, zijn in de praktijk gedelegeerd of gemandateerd aan de directeur van de school.

Het bevoegd gezag heeft in het Eindexamenbesluit de volgende taken gekregen.

  • De toelating tot het eindexamen. Zie Eindexamenbesluit VO artikel 2. De kandidaat moet in de regel door het bevoegd gezag worden toegelaten. Eenmaal toegelaten heeft de kandidaat het recht het eindexamen te voltooien.
  • Stelt een examencommissie in, benoemt de leden van de examencommissie en draagt zorg voor het onafhankelijk en deskundig functioneren van de examencommissie (zie Eindexamenbesluit VO artikel 35d).
  • Kan, naast de taken die voor de examencommissie in het Eindexamenbesluit VO worden genoemd, aanvullende taken opdragen aan de examencommissie (zie Eindexamenbesluit VO artikel 35e).
  • Kan beslissen dat andere vakken dan die zijn voorgeschreven voor een eindexamen in een leer-werktraject van de basisberoepsgerichte leerweg behoren tot het leer-werktraject van de leerling (zie Eindexamenbesluit VO artikel 23, lid 3).
  • Het vaststellen van het examenreglement en het programma van toetsing en afsluiting (PTA) en het jaarlijks voor 1 oktober toezenden aan de examenkandidaten en de inspectie (zie Eindexamenbesluit VO artikel 31 en artikel 31a en b).
  • Is er verantwoordelijk voor dat in het PTA duidelijk en herleidbaar is aangegeven welke toetsen die deel uitmaken van het schoolexamen bijdragen aan de afsluiting van welke onderdelen van het examenprogramma (zie Eindexamenbesluit VO artikel 31a).
  • Wijkt bij de vaststelling van het examenreglement en PTA alleen af van het voorstel van de examencommissie na overleg met de examencommissie en schriftelijke motivering (zie Eindexamenbesluit VO artikel 31 en artikel 31a).
  • Is verantwoordelijk voor schriftelijke motivering en het volgen van de juiste procedure, in overeenstemming met het Eindexamenbesluit VO, als het PTA na 1 oktober wordt gewijzigd (zie Eindexamenbesluit VO artikel 31c).
  • Kan bepalen dat de kandidaat voor één of meer vakken het schoolexamen waarin geen centraal examen wordt afgenomen, opnieuw kan afleggen. Verleent dit recht in elk geval voor het vak maatschappijleer behorende tot het gemeenschappelijk deel van de leerwegen van het vmbo, indien de kandidaat voor dat vak een eindcijfer heeft behaald lager dan een 6 (zie Eindexamenbesluit VO artikel 35b1). De herkansingsmogelijkheden van het schoolexamen dient het bevoegd gezag vast te leggen in het examenreglement (zie Eindexamenbesluit VO artikel 31).
  • Draagt er zorg voor dat de leraar van zijn school die als gecommitteerde is aangewezen, de uit die aanwijzing voortvloeiende verplichtingen nakomt (zie Eindexamenbesluit VO artikel 36, lid 2).
  • Bepaalt zelf de afnametijdstippen van toetsen waarvoor door het CvTE een afnameperiode is ingesteld waarbinnen de afname plaats kan hebben (zie Eindexamenbesluit VO artikel 37 lid 7).
  • Bemiddelt in geschillen tussen examinator en gecommitteerde over de score voor het centraal examen (artikel 42 lid 1 van het Eindexamenbesluit VO).
  • Kan bepaalde vakken toevoegen aan het combinatiecijfer (zie artikel 50 lid 2 van het Eindexamenbesluit VO). In het examenreglement moet worden vermeld welk onderdeel of welke onderdelen worden toegevoegd.
  • Kan deskundigen aanwijzen die mede het examen afnemen. Zie WVO artikel 29 lid 2.

    De geel gemarkeerde tekst is nieuw ten opzichte van de tekst in de jaarringen tot en met 2021.


Deel deze pagina