Examencommissie

Laatste update

Scholen voor voortgezet onderwijs moeten sinds 1 augustus 2021 verplicht een examencommissie ingesteld hebben (artikel 2.60d en e Wet voortgezet onderwijs 2020). De examencommissie is ingesteld voor de borging van de kwaliteit van de schoolexaminering. Het bevoegd gezag kan zelf bepalen op welk niveau zij de examencommissie inricht. Binnen een scholengemeenschap kan indien gewenst een examencommissie per schoolsoort worden ingesteld.

Kwaliteit examens

De belangrijkste taak van de examencommissie is het borgen van de kwaliteit van de schoolexaminering. De examencommissie kijkt naar het geheel van de kwaliteit van schoolexaminering binnen de school. Deze evaluatie is breder dan alleen de uitvoering van de werkzaamheden van de examencommissie zelf en ook breder dan alleen de organisatie van de schoolexaminering. Te denken valt aan:

  • De duidelijkheid en transparantie van de taak- en verantwoordelijkheidsverdeling binnen de examenorganisatie;
  • Het verloop van de examens;
  • De kwaliteit van het PTA en het examenreglement;
  • Of wordt voldaan aan de wettelijke eisen;
  • De kwaliteit van de totstandkoming van de schoolexamentoetsen;
  • Het aantal en type maatregelen dat getroffen is.

De examencommissie vo

De examencommissie heeft in de Wet voortgezet onderwijs 2020 een aantal taken toegewezen gekregen (zie artikel 2.60e):

  • het opstellen van een voorstel voor een examenreglement als bedoeld in artikel 2.60 voor het bevoegd gezag;
  • het jaarlijks opstellen van een voorstel voor een programma van toetsing en afsluiting als bedoeld in artikel 2.60a voor het bevoegd gezag;
  • het borgen van het afsluitend karakter en de kwaliteit van het schoolexamen;
  • het vaststellen van richtlijnen en aanwijzingen om te komen tot een beoordeling van het schoolexamen; en
  • overige door het bevoegd gezag aan de commissie opgedragen taken en bevoegdheden.

De examencommissie vavo

Voor vavo-instellingen ligt de wettelijke grondslag in de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) artikel 7.4.11, tweede lid in samenhang met 7.4.5 en artikel 7.4.5a voor taken en bevoegdheden. Dat zijn in ieder geval:

  • het borgen van de kwaliteit van de examinering en van de instellingsexamens,
  • het vaststellen van richtlijnen en aanwijzingen om instellingsexamens te beoordelen en vast te stellen,
  • het vaststellen van de instellingsexamens,
  • het verlenen van vrijstelling van een instellingsexamen of een centraal examen
  • Uitvoering geven aan maatregelen in het kader van artikel 3.58 Uitvoeringsbesluit WVO 2020.