Scheikunde vwo

Examenrooster

cse 1e tijdvak

Woensdag 19 mei 2027 13:30 - 16:30

Examenstof

Vakspecifieke informatie

De vakspecifieke informatie volgt met de septembermededeling.

Hulpmiddelen

Vakspecifieke vragen

Scheikunde: Berekeningen: Hoeveel significante cijfers heeft de pH bij een gegeven waarde van [H+]? En hoe zit dat andersom?

De vuistregel voor de berekening van de pH, die af te leiden is uit specificatie A8.3 in de syllabus, luidt:
Het aantal decimalen in de pH-waarde komt overeen met het aantal significante cijfers in de waarde van [H+] of [H3O+]

Voorbeeld 1:

Gegeven [H+] = 1,5 x 10-2. “Bereken de pH.”

Het juiste antwoord pH = 1,82 bevat dus twee decimalen.

Voorbeeld 2:

“Bereken hoeveel procent van het totaal aantal mol hexanoaat en hexaanzuur aanwezig is als hexaanzuur bij pH = 5,50 (T = 298 K).”

Het aantal decimalen in de pH is hier 2 dus hoort het antwoord 16 (%) in twee significante cijfers te zijn weergegeven.

Andersom geldt de vuistregel ook:
Het aantal significantie cijfers in de waarde van [H+] of [H3O+] komt overeen met het aantal decimalen in de pH-waarde.

Voorbeeld 3:

Gegeven pH = 1,82. “Bereken de waarde van [H+].”

[H+] = 1,5 x 10-2 in twee significante cijfers.

Scheikunde: Correctie: Waarom wordt in het correctievoorschrift gerekend met afgeronde waarden?

In het correctievoorschrift wordt gerekend met afgeronde waarden. Dit wordt gedaan om in het correctievoorschrift één rekenvoorbeeld te kunnen geven dat aansluit bij de verschillende waarden in Binas en ScienceData. Het gebruik van andere, niet afgeronde, waarden door leerlingen kan leiden tot afwijkingen in de uitkomst. Vanzelfsprekend leiden dergelijke afwijkingen in de uitkomst in een juiste berekening niet tot aftrek van scorepunten. Een voorbeeld is vraag 2 uit het examen scheikunde vwo 2018-I.

Scheikunde: Algemeen: Welke naamgeving wordt gehanteerd in het examen?

Volgens de nieuwe IUPAC-naamgeving worden twee-atomige niet-binaire moleculaire stoffen zoals O2 en H2, dizuurstof en diwaterstof genoemd.

In het examen worden de namen van de stoffen getoetst zoals aangegeven in de specificatie M1.1, de specificatie R1.2 en de specificatie L1.2. In deze specificatie wordt niet naar de IUPAC-naamgeving verwezen. Daarom wordt in examens de oude naamgeving gehanteerd. Wanneer een kandidaat de nieuwe naamgeving gebruikt, dient dit natuurlijk goed te worden gerekend. Dit valt onder algemene regel 3.3 (vakinhoudelijk juist).

Scheikunde: Berekeningen: Mag de deelscore voor de significantie worden toegekend als er rekenstappen ontbreken of onjuist zijn?

Ja, het is de bedoeling dat de deelscore voor de significantie wordt toegekend wanneer de kandidaat de significantieregels consequent toepast. Dit geldt ook als het ontbreken van een rekenstap resulteert in een vereenvoudiging van de vraag. Voorwaarde is wel dat de kandidaat een berekening maakt met (een deel van de) gegevens uit de opgave. Dit kan betekenen dat de juiste/consequente significantie van de (deel)uitkomst die de kandidaat noteert, afwijkt van de significantie in het voorbeeldantwoord. De juiste significantie wordt namelijk uitsluitend bepaald door de gebruikte gegevens.