Uitslagbepaling (profiel)

Onderstaande tekst heeft betrekking op eindexamens volgens de zogenaamde 'oude profielen' (havo t/m 2008 en vwo t/m 2009, en de bezemexamens havo 2009-2010 en vwo 2010-2011). Met betrekking tot de uitslagbepaling voor deze situatie is het Eindexamenbesluit geldend op 31 juli 2007 van belang


Wat is 'de uitslag'?

De uitslag van het examen is de beslissing

- dat een kandidaat geslaagd is voor het gehele eindexamen (zie Eindexamenbesluit artikel 49) en dus recht heeft op het diploma met een cijferlijst (zie Eindexamenbesluit artikel 52) of

- dat een kandidaat afgewezen is voor het gehele eindexamen (zie Eindexamenbesluit artikel 49) en dus geen recht heeft op het diploma. Hij krijgt dan wel een cijferlijst (zie Eindexamenbesluit artikel 52).

Ook een vavo-kandidaat die slechts opgaat voor een deeleindexamen voor een of meer vakken kan slagen als hij deze vakken aanvult met vrijstellingen tot een volledig eindexamen.

Een vavo-kandidaat die voor een of meer vakken is opgegaan en deze niet aanvult met vrijstellingen tot een volledig eindexamen, kan niet slagen en ook niet afgewezen worden. Hij ontvangt voor de vakken waarvoor hij een eindcijfer 6 of meer heeft behaald een certificaat. En hij ontvangt daarnaast een cijferlijst waarop alle vakken staan waarvoor hij in dat examenjaar het examen heeft afgerond. (zie Eindexamenbesluit artikel 53)

Voorlopige en definitieve uitslag

Er wordt van een voorlopige uitslag gesproken als de kandidaat nog het recht heeft op een herkansing (herkansing) (zie Eindexamenbesluit artikel 51). Pas op grond van de definitieve uitslag kunnen examendocumenten worden uitgereikt (zie Eindexamenbesluit 52 en 53)

Hoe wordt de uitslag bepaald?

De uitslagbepaling bij een eindexamen kent vier fasen.

1. Beslissingen en checkpunten die nodig zijn om een uitslag te kunnen bepalen.

2. De bepaling van de uitslag.

3. De herkansing

4. De bepaling van de definitieve uitslag na herkansing.

1. Beslissingen en checkpunten die nodig zijn om een uitslag te kunnen bepalen.

Centrale regel is steeds dat een kandidaat móet slagen als hij kan slagen door een bepaalde combinatie van vakken en cijfers.

Relevante beslissingen en checkpunten zijn onder andere:

1.1. Is de school bevoegd tot het uitreiken van het gevraagde diploma?

1.2. Voldoet de combinatie van vakken bij elkaar aan de profieleisen? (zie de examenstof en Eindexamenbesluit artikel 11, 12 en 13)

1.3. Zijn alle relevante vrijstellingen door de kandidaat aangetoond? (zie Eindexamenbesluit artikel 48.5)

1.4. Mag een kandidaat van de school voor meer dan het minimaal vereiste aantal vakken examen afleggen (extra vakken)? (zie Eindexamenbesluit artikel 8.2) Als de kandidaat met meetellen van alle vakken niet slaagt, mogen vakken geschrapt worden als hij daardoor alsnog kan slagen. De resterende vakkencombinatie moet natuurlijk weer aan de profieleisen voldoen (zie Eindexamenbesluit artikel 48.3).

1.5. Voor een aantal vakken en werkstukken moet de beoordeling voldoende of goed behaald zijn. (zie Eindexamenbesluit artikel 49.2 en 49.4)

1.6. Een kandidaat voor v.w.o. en h.a.v.o. mag volstaan met minder vakken als hij een vavo-examen afgelegt. Dit betreft de vakken CKV1 en LO1. Zie Eindexamenbesluit artikel 11, vierde lid, 12 vijfde lid, en 13, vierde lid. Die vakken worden niet op de cijferlijst vermeld. (zie Eindexamenbesluit artikel 52.5)

2. De bepaling van de uitslag.

Als het eindexamen is voltooid, alle zittingen van het centraal examen zijn bijgewoond en dus voor alle vakken het eindcijfer is bepaald, kan de uitslag bepaald worden. De kandidaat die een diploma wil behalen, mag in alle gevallen tot op bepaalde hoogte onvoldoendes met voldoendes compenseren. (zie Eindexamenbesluit artikel 49.1 en 49.3)

3. De herkansing bij de centrale examen

Zodra de uitslag voor het eerst, dus nog vóór het tweede tijdvak, is bepaald wordt deze samen met de behaalde cijfers aan de kandidaat meegedeeld. Aan kandidaten die het centraal examen nog niet voor al hun vakken hebben kunnen voltooien, worden op datzelfde moment de door hen behaalde cijfers meegedeeld, ook al kon voor hen nog geen uitslag worden vastgesteld (zie Eindexamenbesluit artikel 49.5).

Elke kandidaat krijgt na het bekendmaken van zijn cijfers recht op het herkansen van het centraal examen voor één vak, ongeacht of hij zijn examen al kon voltooien en de uitslag voor hem kon worden bepaald (zie Eindexamenbesluit artikel 51.1). Hiermee heeft een kandidaat die bijvoorbeeld nog voor één vak het examen in het tweede tijdvak wil voltooien, in dat tijdvak tevens de mogelijkheid voor een ander vak te herkansen. De kandidaat moet wel tijdig aan de directeur laten weten dat hij hiervan gebruik wil maken, anders verliest hij dat recht weer.(zie Eindexamenbesluit artikel 51.2).

4. De bepaling van de definitieve uitslag na herkansing

De uitslag wordt opnieuw bepaald op grond van Eindexamenbesluit artikel 48 en artikel 49.

De bekendmaking van de uitslag

Na elk van de drie tijdvakken wordt de uitslag bekendgemaakt. De school of de instelling zelf bepaalt wanneer dat precies gebeurt. Bij het tweede tijdvak van de aangewezen vakken en bij het derde tijdvak is het de staatsexamencommissie die het behaalde resultaat aan de school bekend maakt; hierna bepaalt de school de uitslag en maakt deze bekend. In de maart-mededelingen voor de komende c.q. lopende examens wordt een datum genoemd waarop de uitslag van het eerste en tweede tijdvak bekendgemaakt zou kunnen worden.

In geval van een gespreid examen doet zich een speciale situatie voor (zie Eindexamenbesluit artikel 59).

Pijl omhoog