Toelichting uitslagbepaling tweede fase

Uitslagbepaling Tweede Fase

Vanaf 2012 gelden voor de centrale examens voor vmbo, havo en vwo vernieuwde exameneisen. Deze vernieuwde exameneisen bevatten het volgende:

  • 1. 
    Per schooljaar 2011-2012, dus voor alle uitslagen vanaf de cursus 2011/2012, wordt de maatregel van kracht dat voor alle vakken op het centraal examen (CE) gemiddeld een voldoende moet worden gehaald. Dit gaat gelden voor leerlingen vmbo, havo en vwo.
  • 2. 
    In het schooljaar 2012-2013, dus voor alle uitslagen vanaf de cursus 2012/2013, zal voor leerlingen havo en vwo de maatregel ingaan dat maximaal één 5 als eindcijfer (het gemiddelde van het SE en het CE) mag worden gescoord voor de kernvakken Nederlands, Engels en wiskunde.

In de tweede fase hebben de profielvakken niet meer een bijzondere positie. Daarnaast speelt het combinatiecijfer een rol, en geldt een compensatieregeling.

Een havo-leerling heeft minimaal acht cijfers die meewegen in de slaag/zakregeling: Nederlands, Engels, vier profielvakken, één vak in het vrije deel en een combinatiecijfer. Een vwo-leerling heeft er minimaal negen: dezelfde als de havo-leerling, en een tweede moderne vreemde taal. Op grond van de tenminste acht of negen cijfers wordt vastgesteld of de kandidaat geslaagd is.

In het examenjaar 2013 geldt dat een examenkandidaat is geslaagd:

indien het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is,

en indien hij:

  • 1. 
    voor al zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
  • 2. 
    voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
  • 3. 
    voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld met uitzondering van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en wiskunde A, wiskunde B of wiskunde C, als eindcijfer 4 en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers tenminste 6,0 bedraagt, dan wel
  • 4. 
    voor twee van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 heeft behaald dan wel voor één van de vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld als eindcijfer 4 en voor één van deze vakken als eindcijfer 5 heeft behaald, en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers tenminste 6,0 bedraagt, met dien verstande dat hij daarbij voor één van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en in voorkomende gevallen wiskunde A, wiskunde B of wiskunde C als eindcijfer 5 heeft behaald en voor het andere genoemde vak dan wel de andere twee genoemde vakken als eindcijfer 6 of meer heeft behaald.

Daarnaast moeten CKV en LO alsmede de maatschappelijke stage zijn beoordeeld als 'voldoende' of 'goed'. Cijfers voor maatschappijleer, het profielwerkstuk en - op het vwo - ANW maken deel uit van het combinatiecijfer, daarnaast kan de school ook andere onderdelen in het combinatiecijfer opnemen.

Met een eindcijfer van 3 of lager is de kandidaat afgewezen. Dit geldt ook voor het eindcijfer per onderdeel van het combinatiecijfer: de kandidaat met een 3 voor maatschappijleer is afgewezen.

Een bijzondere bepaling regelt de rol van een extra vak. De uitslag wordt vastgesteld op een reeks van cijfers die samen een volledig examen vormen. Heeft een kandidaat in meer vakken dan het vereiste minimum examen gedaan, dan kan een extra vak buiten beschouwing worden gelaten. Als daardoor de kandidaat kan slagen, móet dat zelfs gebeuren. De kandidaat bepaalt of het resultaat van het extra vak op de cijferlijst wordt vermeld.

Voor de onderdelen van het combinatiecijfer geldt op de extra-vak-regeling echter een uitzondering. Het combinatiecijfer bestaat uit enkele van overheidswege voorgeschreven onderdelen zoals maatschappijleer, en daarnaast eventueel uit een of meer door de school aangewezen ''extra'' onderdelen, voor alle kandidaten of naar keuze van de kandidaat. Met een 3 of lager voor een onderdeel is een kandidaat afgewezen. Dat geldt zowel als die 3 of lager behaald is op een door de overheid voorgeschreven onderdeel, als wanneer de 3 of lager is behaald op een door de school aan alle kandidaten voorgeschreven onderdeel.

Zie ook: Combinatiecijfer

Pijl omhoog