Pilot dyscalculie rekentoets VO

In dit pilotjaar wordt voor leerlingen zowel in 2F als in 3F de mogelijkheid geboden tot het afleggen van een aangepaste rekentoets (de ER-toets). Aan 2F- en 3F-leerlingen met dyscalculie/ernstige rekenproblemen wordt de mogelijkheid geboden tot het afleggen van een rekentoets waarbij er aanpassingen zijn gedaan in zowel de eisen (de opgaven zijn eenvoudiger), de hulpmiddelen, als de afnamecondities.

Data afname ER-toets

Omdat de ER-toets voor een kleine groep leerlingen bestemd is, zijn er maar een beperkt aantal varianten van de ER-toets beschikbaar. Daarom is de afname van de ER-toets beperkt tot door het CvTE aangewezen dagen.

Eerste afnameperiode

2ER: dinsdag 10 en woensdag 11 maart 2015

3ER: dinsdag 17 en woensdag 18 maart 2015

Tweede afnameperiode

2ER en 3ER: dinsdag 2 en woensdag 3 juni 2015

Er zit een tijdsslot op de ER-toetsen waardoor de ER-toets voor en/of na deze data niet kan worden afgenomen.

Aangepaste eisen

De aangepaste toets bevat ten opzichte van 3F resp. 2F eenvoudiger rekenopgaven. Te denken valt voor 2F aan de 50% eenvoudigste opgaven van de huidige 2F-voorbeelden, en voor 3F aan een mix van eenvoudige 3F-opgaven en opgaven vergelijkbaar met 2F.

Hulpmiddelen

Rekenmachine

Bij de aangepaste rekentoets mag de leerling bij alle opgaven een rekenmachine gebruiken. Dat kan de ingebouwde rekenmachine zijn, maar de leerling mag ook een eigen rekenmachine gebruiken. De opgaven zijn aan het gebruik van de rekenmachine aangepast. Een opgave die met rekenmachine geen zinvolle rekenactiviteit meer meet, wordt aangepast of vervalt.

Rekenkaart en rekentoets

Leerlingen met een dyscalculieverklaring die deelnemen aan de standaard rekentoets en leerlingen die deelnemen aan de aangepaste rekentoets (ER-toets) mogen bij deze toetsen gebruik maken van de standaard rekenkaart 1, 2 en/of 3. Deze kaarten bevatten dezelfde informatie maar de informatie wordt op een andere wijze aangeboden.

De aanvullende rekenkaart mag uitsluitend gebruikt worden bij de aangepaste rekentoets (ER-toets). Deze rekenkaart bevat informatie over o.a. het metrieke stelsel en is meer een opzoekhulp.

Rekenkaart en CE

Leerlingen met een dyscalculieverklaring die de standaard rekentoets maken en leerlingen die deelnemen aan de aangepaste rekentoets (ER-toets) mogen bij centrale examens waarbij rekenen een substantiƫle rol speelt gebruik maken van de standaardkaart 1, 2 en/of 3.

De aanvulling op de rekenkaart mag dus door geen enkele leerling gebruikt worden bij de centrale examens.

Voor alle rekenkaarten gelden alle eisen ten aanzien van kladpapier: dus inname en vernietiging na afloop van de toets.

Het is toegestaan de leerling op zijn/haar verzoek tijdens de afname een nieuw exemplaar te verstrekken en het is toegestaan de leerling bij aanvang van de afname meerdere exemplaren te verstrekken.

Meer informatie over de rekenkaarten en het gebruik hiervan vindt u in het document 'Verantwoording en toelichting rekenkaart'.

* Gewijzigd door de redactie van Examenblad.nl, 12 januari 2015. Er zijn nieuwe versies van deze documenten geplaatst vanwege enkele fouten in de aanvullende rekenkaart.

Afnamecondities

Bij de aangepaste rekentoets is terugbladeren mogelijk. De leerling kan zijn eigen strategie bepalen bij de keuze van de volgorde van te maken opgaven, en kan ook terug naar een eerder gemaakte opgave en het antwoord alsnog wijzigen.

De afnametijd voor de aangepaste toets is zo vastgesteld dat er extra tijd wordt gegund. Deze extra tijd is in de toetstijd verdisconteerd.

Standaard rekentoets voor leerlingen met dyscalculie

De leerling met een dyscalculieverklaring die niet aan de ER-toets deelneemt, heeft op basis van zijn dyscalculieverklaring recht op maximaal 30 minuten tijdverlenging en recht op het gebruik van de door het CvTE vastgestelde rekenkaart. Het gebruik van de rekenmachine is NIET toegestaan.

Consequentie voor leerling bij deelname aan de ER-toets

In de pilotjaren 2013-2014 en 2014-2015 is deelname aan de aangepaste rekentoets nog niet zichtbaar op de resultatenlijst van de leerling en zijn er geen formele doorstroomconsequenties voor de leerling.

Voorlichtingsbrochure

Voorbeelden en oefenmateriaal

Pijl omhoog