Hulpmiddelen, havo/vwo 2007 bij CEVO-06.1600

Bijlage 2 Hulpmiddelen havo en vwo 2007

Deze bijlage is gepubliceerd bij de regeling toegestane hulpmiddelen 2007, CEVO-06-1600.

Wat is er anders in 2007?

  • a. 
    Vanaf 2007 wordt jaarlijks complete lijst met hulpmiddelen gepubliceerd. Het combineren door de school van een Regeling met geldigheid over meer jaren, en een jaarlijkse aanvulling in de Septembermededeling is niet langer nodig
  • b. 
    Vanaf 2007 is bij alle schriftelijke examens een woordenboek Nederlands toegestaan, NIET bij de praktische examens cpe beeldend).

Lijst met hulpmiddelen havo-vwo 2007 per vak

Vak

vwo

havo

Alle vakken

Basispakket, bestaande uit:

  • Schrijfmateriaal incl millimeterpapier
  • tekenpotlood
  • blauw en rood kleurpotlood
  • liniaal met millimeterverdeling
  • passer
  • geometrische driehoek
  • vlakgum
  • elektronisch rekenapparaat (zie par. 3.3)

Hetzelfde basispakket

Alle schriftelijke examens

Woordenboek Nederlands (zie par. 3.1)

Woordenboek Nederlands (zie par. 3.1)

Latijn, Grieks

Latijns resp Grieks woordenboek, inclusief grammaticaoverzicht (zie par. 3.2)

 

Fries, moderne vreemde talen

woordenboek naar en van de vreemde taal cq naar en van Fries (zie par. 3.2)

Zie vwo

wiskunde A 1,

wiskunde A 1,2

  • formulekaart (zie par. 3.5)
  • grafische rekenmachine (zie par. 3.4)
  • tabellen voor de waarschijnlijkheidsrekening en de mathematische statistiek

# een tabel met toevalsgetallen

# een tabel met binomiaalcoëfficienten

# een tabel van de cumulatieve normale verdeling (standaard-normale verdeling)

# een tabel met cumulatieve binomiale verdelingen P(X = x), met minimaal p = 0,05; 0,10; 0,15..0,50; 1/6 en 1/3; n = 2,3...20, 50, 100 bij n = 50; bovendien nog p = 0,01 bij n = 100

  • roosterpapier in cm2
  • formulekaart(zie par. 3. 5)
  • grafische rekenmachine (zie par. 3.4)
  • tabellen voor de waarschijnlijkheidsrekening
  • roosterpapier in cm2

wiskunde B1,

wiskunde B1,2

  • grafische rekenmachine (zie par. 3.4)
  • formulekaart (zie par. 3.5)
  • roosterpapier in cm2

-grafische rekenmachine (zie par. 3.4)

  • formulekaart (zie par. 3.5)
  • roosterpapier in cm2

wiskunde B1

 
  • tabellen voor de waarschijnlijkheidsrekening

natuurkunde 1, natuurkunde 1,2 scheikunde, scheikunde 1, scheikunde 1,2

  • grafische rekenmachine (zie par. 3.4)
  • goedgekeurd informatieboek: BINAS 5e druk
  • grafische rekenmachine (zie par. 3.4)
  • goedgekeurd informatieboek: BINAS, 5e druk

biologie (havo)

biologie 1,2 (vwo)

  • een door de CEVO goedgekeurd informatieboek:
  • Biodata 1e of 2e druk óf
  • BINAS 5e druk
  • goedgekeurd informatieboek:
  • Biodata alleen 2e druk óf
  • BINAS 5e druk

economie 1 en 1,2

grafische rekenmachine (zie par. 3.4)

grafische rekenmachine 4)

aardrijkskunde

een door de CEVO goedgekeurde atlas:

Grote Bosatlas 51e of 52e druk(zie par. 3. 6)

Door CEVO goedgekeurde atlas Grote Bosatlas 51e of 52e dr (zie par. 3.6)

m&o

grafische rekenmachine (zie par. 3.4)

grafische rekenmachine (zie par. 3.4)

CKV2

computer

computer

toelichting

3.1. woordenboek Nederlands

Met ingang van het centraal examen 2006 is een eendelig verklarend woordenboek Nederlands toegestaan bij alle schriftelijke examens.

In plaats van het eendelig woordenboek Nederlands mag ook gebruik gemaakt worden van een woordenboek van Nederlands naar een vreemde taal (bijvoorbeeld naar de thuistaal van de kandidaat).

Een digitaal woordenboek is niet toegestaan.

In 2007 worden schrijfwijzen volgens de spelling van 1995 niet fout gerekend. Gebruik van verouderde woordenboeken benadeelt de kandidaat bij het centraal examen 2007 niet.

Het woordenboek kan een natuurlijk en vanzelfsprekend hulpmiddel zijn dat de kandidaat zekerheid verschaft bij een enkel woord; het kan ook leiden tot bijvoorbeeld tijdnood als een kandidaat zekerheidshalve te veel woorden opzoekt. Bij vakspecifieke termen kan het woordenboek ook aanleiding geven tot verwarring. Een voorbeeld: eentonigheid heeft in het vak muziek een betekenis die niet strookt met de beschrijving in een woordenboek. In november wordt op www.eindexamen.nl een nadere toelichting op woordenboekgebruik en de voorbereiding van de kandidaten gepubliceerd. De Regeling beoordeling centraal examen (CEVO-02-806 van 17 juni 2002) wordt aangevuld met een regel die aangeeft dat in situaties zoals dit muziek-voorbeeld de vakinhoudelijke omschrijving de geldige is; voor een inhoudelijk afwijkende omschrijving worden geen punten toegekend, ook niet als de kandidaat deze omschrijving letterlijk aan het woordenboek heeft ontleend.

3.2. woordenboek bij Fries, moderne vreemde talen en klassieke talen

Bij Fries en de moderne vreemde talen is een woordenboek vanuit én een woordenboek naar de moderne vreemde taal c.q. Fries toegestaan, in één band of in twee afzonderlijke delen. Een woordenboek naar de vreemde taal is bij examens zonder schrijfvaardigheid (alle talenexamens havo en vwo) niet erg zinvol maar ook niet verboden. Een digitaal woordenboek is niet toegestaan

Bij Latijn en Grieks is een woordenboek toegestaan, en een grammaticaoverzicht (in het woordenboek of los).

Niet toegestaan is een woordenboek dat specifiek is toegesneden op een auteur aan wiens werk de vertaalopgave ontleend is.

Bij Grieks is het vanaf CE 2005 toegestaan het woordenboek van Ch. Hupperts te gebruiken inclusief het hierin opgenomen grammatica-overzicht en de alfabetische werkwoordenlijst. Ook is het toegestaan dit grammatica-overzicht en deze alfabetische werkwoordenlijst (als los boekje uitgegeven onder de naam Compendium) naast een ander Grieks woordenboek te gebruiken.

de eenvoudige rekenmachine

Bij de vakken zonder grafische rekenmachine is een machine met de basisbewerkingen voldoende. Meer bewerkingen zijn toegestaan, maar:

Niet toegestaan is het gebruik van apparaten die:

  • a. 
    op het lichtnet aangesloten moeten worden
  • b. 
    tijdens het examen opgeladen moeten worden
  • c. 
    geluidsoverlast bezorgen
  • d. 
    zijn voorzien van een schrijfrol, alarminstallatie, dan wel zend- en/of ontvangstmogelijkheden
  • e. 
    alfanumeriek zijn
  • f. 
    grafieken kunnen weergeven in het afleesvenster

de grafische rekenmachine

De meest recente toegestane grafische rekenmachines zijn:

- Casio CFX-9850Gplus, CFX-9850GBplus, fx-9860G of fx-9860G SD

- Hewlett Packard 38G of 39G+

  • Sharp EL 9600, EL 9650 en EL 9900

- Texas Instruments 83, 83 plus, 84 of 84 plus silver edition

Oudere typen zijn ook toegestaan maar de kans bestaat dat sommige examenopgaven daarmee niet of minder goed te maken zijn. De grafische rekenmachines genoemd in de Septembermededeling 2004 zijn in ieder geval nog voldoende.

Verder geldt het volgende.

  • a. 
    Een grafische rekenmachine mag tijdens het examen niet op het lichtnet worden aangesloten of met andere apparatuur worden verbonden.
  • b. 
    Het is een kandidaat niet toegestaan tijdens het examen gebruik te maken van de grafische rekenmachine van een andere kandidaat.
  • c. 
    Het is niet nodig dat het geheugen van een grafische rekenmachine wordt gewist voor de aanvang van een zitting van het centraal examen.

formulekaart wiskunde

Bij alle centrale examens wiskunde op havo en vwo mag de formulekaart worden gebruikt. In plaats van de formulekaart is de uitgave Wisforta toegestaan; een deelverzameling van de formulekaart is eveneens toegestaan. In de digitale versie van de Septembermededeling op www.eindexamen.nl staan links naar

atlas

In vwo en havo is de 51e of de 52e druk van de Grote Bos-atlas toegestaan. In de eerste drie oplagen van de 51e druk waren De Basisstatistiek en Het Extra Materiaal voor de tweede fase losse katernen, vanaf de vierde oplage zijn deze twee losse katernen in de atlas ingenaaid. Deze aanvullende katernen zijn op het examen evenzeer nodig als de atlas. De 51e druk is toegestaan tot en met het centraal examen van 2007.

systeemeisen bij computerexamens:

Let op: vanaf het examen 2007 wordt Windows 98 niet langer ondersteund.

Voor CKV2 havo en vwo:

Windows 2000 of later, een computer met een kloksnelheid minimaal 450 MHz, en verder een geluidskaart, koptelefoon; cd-romspeler minimaal 24x; videokaart 24 bits kleuren (RGB), geheugen 32 Mb.

Voor compex-examens havo en vwo staan systeemeisen en vaardighedenlijsten op

http://www.cito.nl/vo/ce/compex/compex/eind_fr.htm.

Ook voor deze examens geldt: besturingssysteem windows 2000 of later.

Aanvullende opmerkingen:

computer

Bij de examens CKV2 (schoolexamen) is de computer voor afname noodzakelijk.

Bij alle schriftelijke examens is de computer toegestaan als schrijfgerei. De school kan dat toestaan voor alle kandidaten, kan het ook toestaan voor speciale groepen kandidaten bijvoorbeeld de dyslectische kandidaten. Als de computer als schrijfgerei wordt gebruikt, is het van belang dat kandidaten geen toegang hebben tot verboden hulpmiddelen (zoals een digitale atlas of een digitaal woordenboek), en moet ook o.m. de opslag (bijvoorbeeld uitprinten) worden geregeld. Op www.cevo.nl staan aanwijzingen voor scholen die de computer als schrijfgerei willen inzetten.

De computer kan worden gebruikt als hulpmiddel voor kandidaten met een beperking; bijvoorbeeld voor audio (Daisy of spraaksynthese), of voor vergroting ''op maat'' van de pdf van het examen op het beeldscherm. Ook dan mag de kandidaat geen toegang hebben tot verboden hulpmiddelen.

Bij elke inzet van de computer geldt tevens onverkort de lijst van toegestane hulpmiddelen. Met andere woorden: ook naast een compex-examen biologie havo of voor een kandidaat die schrijft op de computer, is o.m. een ( papieren ) woordenboek toegestaan. Uit een kleine praktijkproef is gebleken dat deze op het eerste gezicht wellicht anachronistische oplossing goed uitvoerbaar is.

aanpassingen voor kandidaten met een beperking

Dit overzicht regelt niet de toegestane hulpmiddelen voor kandidaten met een beperking. Daarover beslist de directeur aan de hand van het deskundigenrapport omtrent de beperking van de kandidaat. Als bijvoorbeeld de kandidaat recht heeft op audio, dan is een hulpmiddel dat voor de audio zorgt (daisyspeler, computer of leespen) een toegestaan hulpmiddel; waarbij niet-toegestane hulpmiddelen zoals een digitaal woordenboek ontoegankelijk moeten zijn gemaakt.

Bij aardrijkskunde kan het atlasgebruik voor kleurenblinde kandidaten moeilijk zijn. Het is toegestaan, een surveillant op verzoek van de kandidaat een door de kandidaat aangewezen kleurvak op kleur te laten benoemen, of een door de kandidaat genoemde kleur te laten aanwijzen. Deze aanpassing wordt gemeld aan de inspectie

Voor visueel gehandicapte kandidaten kan het gebruik van het afleesvenster van de grafische rekenmachine problematisch zijn. Ook daarbij kan een surveillant niet-inhoudelijke toelichtingen geven.

Het is mogelijk dat er spanning is tussen de toegestane hulpmiddelen en wat voor de kandidaat op grond van zijn beperking gewenst is. In dat geval verstaat de directeur zich met de inspectie.

noodzakelijk of toegestaan?

De lijst geeft een opsomming van de toegestane hulpmiddelen. Een kandidaat die bij een vak een voor dat vak toegestaan hulpmiddel gebruikt, is niet in overtreding. Een kandidaat die zonder het hulpmiddel aan het examen wenst deel te nemen, mag echter niet op grond van het ontbreken van het hulpmiddel de toegang worden ontzegd.

De mate waarin een toegestaan hulpmiddel ook noodzakelijk is, varieert tussen vakken, hulpmiddelen en kandidaten. Een feitelijk noodzakelijk hulpmiddel is de atlas bij havo en vwo: in opgaven wordt concreet naar kaarten verwezen en het lijkt niet aannemelijk dat een kandidaat alle kaarten voldoende heeft gememoriseerd.

Bij het verklarend woordenboek Nederlands is de behoefte en noodzaak kandidaatafhankelijk: de een kent meer woorden dan de ander, de een heeft ook meer behoefte aan de zekerheid van het woordenboek dan de ander. Bij examens moderne vreemde talen zonder schrijfvaardigheid is een woordenboek naar de vreemde taal eigenlijk overbodig – het is slechts toegestaan om de regelgeving eenvoudig te houden (bij examens met schrijfvaardigheid is het immers weer wel zinvol), en ter voorkoming van veronderstelde rechtsongelijkheid ten opzichte van kandidaten die beschikken over beide delen in één band.

Door scholen wordt soms gevraagd of de school de hulpmiddelen ter beschikking moet stellen, of dat aan de kandidaat kan worden gevraagd ze mee te nemen. Dat is ter keuze aan de school.

Als bij een hulpmiddel tussen twee opties kan worden gekozen (bijvoorbeeld Biodata en BINAS bij biologie havo en vwo), dan mag de kandidaat slechts één van beide gebruiken.

Pijl omhoog