Centraal examen vmbo. Hoe zat dat ook alweer?

27 mei 2003

 

Centraal examen vmbo

Hoe zat dat ook al weer?

In aanloop naar, tijdens en na afloop van de centrale examens stuiten scholen regelmatig op vragen waar ze niet direct een antwoord op weten. Wel gelezen, maar waar stond het ook al weer? Negen regelmatig terugkerende vragen op een rij.

Wanneer moet het schoolexamen afgerond zijn? Geldt dat voor alle vakken?

Het schoolexamen moet afgerond zijn voor aanvang van het eerste tijdvak van het centraal schriftelijk examen. Wanneer een leerling voor één of meerdere vakken het schoolexamen niet tijdig afgerond heeft, mag hij niet deelnemen aan het centraal schriftelijk. Niet alleen voor dat ene onafgeronde vak of die vakken, maar voor geen enkel vak.

Voor de vakken die geen centraal examen kennen, geldt dat ze uiterlijk een week voordat de uitslag vastgesteld wordt afgesloten dienen te worden. Het gaat hierbij om maatschappijleer 1, kunstvakken 1, lichamelijke opvoeding en het sectorwerkstuk.

Voor de beroepsgerichte leerwegen kunnen onderdelen van het centraal examen al worden afgenomen vanaf 7 april 2003. In dit geval hoeven de schoolexamens bij de aanvang van de desbetreffende onderdelen van het centraal examen nog niet te zijn afgerond.

Dit geldt ook voor het centraal praktisch examen in de beeldende vakken.

Welke hulpmiddelen mogen gebruikt worden?

De CEVO heeft in Gele Katern 12 van 23 april 2003 een overzicht van toegestane vmbo-hulpmiddelen per vak gepubliceerd. Met dit overzicht vervallen alle voorgaande regelingen van het vmbo. Alle bijlagen bij deze regeling zijn op het Examenblad (www.eindexamen.nl) te vinden. Ook is deze informatie opgenomen in de Examenkrant die aan alle scholen is verstrekt.

Waar en wanneer vinden de herkansingen plaats?

De herkansingen van de praktische gedeelten van de beroepsgerichte programma's in de basisberoepsgerichte en de kaderberoepsgerichte leerweg (c.p.e. en c.i.e.) vinden op de eigen school plaats tussen 4 en 17 juni (de exacte tijd en plaats wordt door de school bepaald).

De herkansingen van de schriftelijke examens in de basisberoepsgerichte leerweg vinden plaats tussen 16 en 18 juni Het rooster is zo opgezet dat een leerling die in het eerste tijdvak alle schriftelijke toetsen met een geldige reden heeft gemist, het hele c.s.e. toch nog in het tweede tijdvak kan afleggen. In het centraal examenrooster in de Gele katern nrs. 5/6 van 13 maart 2002 is te vinden welk vak op welke dag herkanst kan worden.

De herkansingen van de schriftelijke examens in de andere drie leerwegen vinden op 18 en 20 juni plaats. Vakken die slechts door een gering aantal leerlingen worden gevolgd, worden niet op de eigen school maar door de staatsexamencommissie afgenomen. Het gaat om zowel algemene vakken als beroepsgerichte programma's in de kader-, gemengde- en theoretische leerweg. In de Gele katern nr. 8 van 26 maart 2003 is een overzicht van deze zogenoemde aangewezen vakken te vinden. De staatsexamencommissie examineert deze vakken op 20 juni in Groningen, Zwolle, Arnhem, Amsterdam, Schiedam, Roosendaal en Eindhoven. De overige vakken komen op 18 juni op de eigen school aan bod.

Wanneer mogen cijfers afgerond worden?

Bij vakken met een centraal examen worden de cijfers van het schoolexamen en van het centraal examen afgerond op 1 decimaal. De school regelt zelf in het PTA de wijze van afronding van het cijfer voor het schoolexamen. Bij vakken zonder centraal examen (in het vmbo is dat in principe alleen maatschappijleer 1, vormt het afgeronde schoolexamencijfer tevens het eindcijfer.

Het eindcijfer voor alle vakken van het eindexamen wordt uitgedrukt in een geheel cijfer uit de reeks 1 tot en met 10. De regel is dat getallen eindigend op ,49 en lager omlaag, en getallen eindigend op ,50 omhoog afgerond worden.

Hoe worden de eindcijfers berekend? Wat is de weging van het praktijkdeel?

Om het eindcijfer van een vak te kunnen berekenen dient de school allereerst te beschikken over de eindcijfers van het schoolexamen en het centraal examen.

Het schoolexamen kent geen voorgeschreven weging. De school heeft zelf in het pta vastgelegd hoe elke individuele toets en opdracht meetelt in de berekening van het schoolexamencijfer.

Het centraal examen kent wel een vaste weging zoals weergegeven in tabel I.

Tabel I: berekening centraal examencijfer

 

Praktisch deel van het centraal examen

centraal schriftelijk examen

Algemene vakken

n.v.t.

100 %

Beeldende vakken 2

1/2

1/2

Beroepsgerichte programma's in de kaderberoepsgerichte leerweg

1/2

1/2

Beroepsgerichte programma's in de gemengde leerweg

n.v.t.

100%

Beroepsgerichte programma's in de basisberoepsgerichte leerweg

2/3

1/3

Tenslotte kan het eindcijfer berekend worden zie tabel II en tabel III. Het eindcijfer van een vak is het rekenkundige gemiddelde van het cijfer voor het schoolexamen en het cijfer voor het centraal examen. Binnen de theoretische, gemengde en kaderberoepsgerichte leerwegen tellen het schoolexamen en centraal examen even zwaar mee. Binnen de basisberoepsgerichte leerweg telt het schoolexamencijfer tweemaal mee, terwijl het cijfer voor het centraal examen eenmaal telt.

Tabel II: berekening eindcijfer theoretische, gemengde en kaderberoepsgerichte leerweg

 

Schoolexamen

centraal examen

Algemene vakken (incl. kunstvakken 2)

1/2

1/2

Maatschappijleer 1

100%

n.v.t.

Beroepsgerichte programma's

1/2

1/2

Tabel III: berekening eindcijfer basisberoepsgerichte leerweg

 

Schoolexamen

Centraal examen

Algemene vakken

2/3

1/3

Maatschappijleer 1

100%

n.v.t.

Beroepsgerichte programma's

2/3

1/3

Is de uitslagregeling inmiddels aangepast? En hoe ziet die er uit?

De slaag/zakregeling voor het vmbo, het eerste en tweede lid van artikel 49 van het Eindexamenbesluit, is begin maart op twee punten gewijzigd. In de eerste plaats een leerling kan met twee vijven slagen, mits hij daar minimaal één zeven tegenover kan zetten. De plaats van de vijven - het gemeenschappelijk deel, sectordeel of vrije deel - maakt niet langer uit. Daarnaast bleek het gewicht van het beroepsgerichte programma in de basis- en kaderberoepsgerichte leerwegen tot veel vragen te leiden. Om aan deze onduidelijkheid een einde te maken is dit in een apart lid verwoord.

De aangepaste uitslagregeling luidt nu als volgt:

1.

De kandidaat die eindexamen v.m.b.o. heeft afgelegd, is geslaagd indien hij:

a.

voor ten hoogste één van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger, of

b.

voor ten hoogste één van zijn examenvakken het eindcijfer 4 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger, waarvan ten minste één 7 of hoger, of

c.

voor twee van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger.

1a.

Voor de toepassing van het eerste lid, onderdelen a, b en c, wordt het eindcijfer van het afdelingsvak of intrasectorale programma in de basisberoepsgerichte en de kaderberoepsgerichte leerweg meegerekend als twee eindcijfers.

2.

In aanvulling op het eerste lid geldt tevens dat voor de vakken lichamelijke opvoeding en het kunstvak uit het gemeenschappelijk deel en in de gemengde en de theoretische leerweg voor het sectorwerkstuk de kwalificatie 'voldoende' of 'goed' is behaald.

Ckv is dit schooljaar nog niet verplicht. Wordt kunstvakken 1 dan ook niet bij de uitslagregeling betrokken?

Ckv is inderdaad pas verplicht voor de leerlingen die in 2003-2004 starten in de derde klas. Dat betekent echter niet dat kunstvakken 1 nog niet meetelt in de uitslagregeling. Kunstvakken 1 staat namelijk al wel in de adviesurentabel en is dan ook voor alle leerlingen verplicht. Scholen moeten in de leerwegen minimaal 40 uur besteden aan kunstvakken. Vooruitlopend op de regelgeving kan dat al ckv zijn, maar ook een verbreding of verdieping van de kunstvakken uit de basisvorming behoort tot de mogelijkheden. Ongeacht de gekozen invulling levert kunstvakken 1 een resultaat op. Om te kunnen slagen moet een leerling een 'voldoende' of een 'goed' scoren voor kunstvakken 1.

Komt de door de leerling gevolgde sector (of sectoren) op de cijferlijst te staan?

Nee. In tegenstelling tot de tweede fase is er bij het vmbo voor gekozen om één algemene cijferlijst uit te reiken waarop alle gevolgde examenvakken vermeld worden. Concreet betekent dit dat Nederlands, Engels, maatschappijleer 1, kunstvakken 1, lichamelijke opvoeding, de twee sectorvakken, de vakken uit het vrije deel (algemene vakken en/of beroepsgericht programma), het sectorwerkstuk en eventuele extra examenvakken uit de eigen leerweg opgenomen worden.

Bij de beide beroepsgerichte en de gemengde leerwegen blijkt de sector eenvoudigweg uit het beroepsgerichte programma. Bij de theoretische leerweg ligt dat iets lastiger. De titel van het sectorwerkstuk geeft een goede indicatie. Omdat het onderwerp soms echter ook tot een andere sector kan behoren, is het wellicht raadzaam om in het examendossier op te nemen wat de gevolgde sector is geweest.

Krijgen de gezakte leerlingen volgend jaar dezelfde examenonderwerpen?

De examenstof is van jaar op jaar gelijk, maar de verdeling daarvan over centraal examen en schoolexamen kan van jaar tot jaar enigszins verschillen. De Cevo maakt de exameneenheden die centraal worden geëxamineerd drie jaar voor de afname van het examen bekend.

Een volledig overzicht van de exameneenheden voor het centraal examen van 2004 en 2005 staat wat betreft de beroepsgerichte programma's in het Gele katern nr. 20a van 11 september 2002. en wat de algemene programma's betreft in het Gele katern nr. 20a van 13 september 2000.

Vragen

Voor vragen over eindexamen kunt u contact opnemen met de helpdesk eindexamens van het Informatie Centrum Onderwijs, tel. (079) 323 24 44 of fax (079) 323 42 85. Ook kunnen op het Examenblad (www.eindexamen.nl) vragen gesteld worden.

Pijl omhoog