Wiskunde A havo

Examenrooster en -documenten

cse 2e tijdvak

Donderdag 20 juni 2024 13:30 - 16:30
Opgaven Beschikbaar op
Uitwerkbijlage Beschikbaar op
Erratum op opgaven Beschikbaar op
Correctievoorschrift Beschikbaar op

Examenstof

Vakspecifieke informatie

Hulpmiddelen

Vakspecifieke vragen

Wiskunde: Kan een kandidaat zowel het centraal examen wiskunde A als het centraal examen wiskunde B afleggen in het eerste tijdvak?

Ja, dat kan mits één van deze examens via een quarantainesessie wordt afgelegd. Wiskunde A en wiskunde B staan op hetzelfde moment in het rooster. Dat betekent dat een kandidaat die examen wil doen in wiskunde A én wiskunde B in het eerste tijdvak, één van deze examens in quarantaine moet afleggen. Voor het afleggen van een examen in quarantaine is toestemming van de inspectie belangrijk. Een alternatief voor een kandidaat met wiskunde A en wiskunde B in het pakket is om één van deze examens in het tweede tijdvak af te leggen.

Let wel: het is alleen toegestaan in twee wiskundevakken eindexamen af te leggen als het tweede wiskunde vak een extra vak is in het vrije deel. Het examen in het tweede wiskundevak is niet voldoende om te voldoen aan de profieleisen. Naast de tweede wiskunde moet er altijd een ander groot vak staan in het vrije deel. Zie ook het Uitvoeringsbesluit WVO 2020.

Een kandidaat kan ook kiezen voor de combinatie van wiskunde C en wiskunde B, in plaats van wiskunde A en wiskunde B. Hiervoor gelden dezelfde regels.

Wiskunde A, B en C: Is een vraag die 2 scorepunten waard is deelbaar?

Soms komen in een beoordelingsmodel deelscores (bolletjes) voor die 2 scorepunten waard zijn. Sinds 2019 is in het beoordelingsmodel altijd een opmerking opgenomen waarin duidelijk wordt gemaakt of deze ‘deelbaar’ is of niet. Dat staat overigens los van het feit dat op grond van vakspecifieke regel 1 op grond van een rekenfout één scorepunt in mindering wordt gebracht. Dan blijft er vanzelfsprekend nog één scorepunt over voor dit antwoordelement.

Wiskunde: Hoe moet een kandidaat een betrouwbaarheidsinterval afronden op het centraal examen bij wiskunde A havo?

Wanneer in het examen om een betrouwbaarheidsinterval wordt gevraagd en daarbij wordt aangegeven dat het antwoord in een bepaald aantal decimalen moet worden gegeven, dan dient de kandidaat dit volgens de normale afrondregels te doen. Een antwoord waarbij bijvoorbeeld de grenzen ‘naar buiten toe’ zijn afgerond, dient als onjuist te worden aangemerkt. Stel dat de grenzen '2,37…' en '2,82…' op één decimaal moeten worden afgerond, dan geeft dat 2,4 en 2,8 en bijvoorbeeld niet 2,3 en 2,9.

Wiskunde: Mogen leerlingen bij wiskunde B gebruikmaken van formules geleerd bij wiskunde D?

Tegenwoordig zit het onderdeel analytische meetkunde in het CE Wiskunde B. Je moet hierbij de afstand van een punt tot lijn kunnen berekenen. Bij het vak Wiskunde D hebben kandidaten hier een formule voor geleerd: Punt ��� en lijn�:��+��=�.���=|��+��−�|/�2+�2.

Is het toegestaan deze formule ook te gebruiken bij het CE Wiskunde B, of moet het via de drie stappen?

De algemene regels in het correctievoorschrift schrijven voor dat aan een vakinhoudelijk correct antwoord op een vraag alle punten toegekend moeten worden. Dat geldt ook voor een antwoord waarin niet is voorzien in het beoordelingsmodel bij de vraag1. Ook als een leerling een gedeeltelijk juist antwoord geeft volgens een alternatieve oplossingsmethode, dan zegt algemene regel 3.3 dat deelscores kunnen worden toegekend in de geest van het beoordelingsmodel. Zeker bij leerlingen die wiskunde D volgen naast wiskunde B ligt het voor de hand dat dit vaker voorkomt. Maar ook kennis opgedaan bij andere vakken of uit eigen interesse kan gebruikt worden. We mogen niet van leerlingen verwachten dat zij bedenken waar ze iets geleerd hebben voordat zij een oplossingsstrategie kiezen.

Desondanks is het mogelijk dat een vraag op een zodanige manier wordt gesteld dat een leerling niet vrij is in de keuze van een oplossingsstrategie en dus bijvoorbeeld de genoemde formule voor de afstand van een punt tot een lijn niet bij de beantwoording van de vraag kan worden gebruikt.


1 In het correctievoorschrift worden alleen die oplossingsmethoden opgenomen die te verwachten zijn op grond van de kennis waarover een leerling geacht wordt te beschikken bij het vak wiskunde B.