Regeling beoordelingsnormen en bijbehorende scores centraal examen
kenmerk: CvE-10.0362datum: 24 maart 2010
gepubliceerd: Staatscourant 2010, nr. 4974; CFI-Online maart 2010
Deze regeling gaat over de vakspecifieke regels en het beoordelingsmodel van het correctievoorschrift bij de beoordelingsnormen voor de centrale examens vwo, havo, en vmbo. Artikel 2, tweede lid, aanhef en onderdeel d, en achtste lid, van de Wet College voor examens bepaalt dat de beoordelingsnormen en bijbehorende scores voor het centraal examen vwo, havo en vmbo bij regeling worden vastgesteld. De beoordelingsnormen voor de centrale examens worden weergegeven in een correctievoorschrift bij iedere toets.
Het Correctievoorschrift bestaat uit vier onderdelen:
1 Regels voor de beoordeling
2 Algemene regels
3 Vakspecifieke regels
4 Beoordelingsmodel
De eerste twee onderdelen volgen uit het Eindexamenbesluit en deze regeling. Deze onderdelen gelden voor langere tijd, en veranderen alleen als de geciteerde bepalingen veranderen. De voorliggende regeling betreft verder het derde en vierde onderdeel, de vakspecifieke regels en het beoordelingsmodel met zijn voorschriften hoe het gemaakte examenwerk moet worden beoordeeld.
- Besluit
- Artikel 1. Begripsbepalingen
- Artikel 2. Beoordelingsnormen
- Artikel 3. Algemene regels
- Artikel 4. Algemene regels specifiek voor de beoordeling van schriftelijke toetsen
- Artikel 5. Algemene regels specifiek voor de beoordeling van cspe en cpe
- Artikel 6. Vakspecifieke regels en beoordelingsmodel
- Artikel 7. Vermeende fouten
- Artikel 8. Noteren scorepunten
- Artikel 9. Toekennen scorepunten
- Artikel 10. Afwijking
- Artikel 11. Gebruik vaktaal
- Artikel 12. Aanvullende regels
- Artikel 13. Aanpassing
- Artikel 14 Inwerkingtreding
- Artikel 15 Bekendmaking
- Artikel 16. Intrekking
- Artikel 17. Citeertitel
- Toelichting
- Bijlagen
Besluit
Het College voor Examens,
Gelet op
artikel 2, tweede lid, aanhef en onderdeel d, en achtste lid van de Wet College voor examens;
Besluit.
Artikel 1. Begripsbepalingen
-
1.In deze regeling gelden de begripsbepalingen die zijn gegeven in artikel 1 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o.
-
2.Voorts wordt in deze regeling verstaan onder:
-
•'voorzitter': de voorzitter van het College voor Examens;
-
•'vakcommissie': een vakcommissie van het College voor Examens
-
•'opdracht': een vraag of opdracht in een toets;
-
•'uitvoering van een opdracht': de wijze waarop een kandidaat een opdracht heeft uitgevoerd en het eindresultaat van die uitvoering;
-
•'antwoord': de uitvoering van een opdracht;
-
•'opgave': enige bij elkaar behorende opdrachten in een toets die als zodanig zijn aangemerkt;
-
•'praktische toets': het in artikel 41a van het Eindexamenbesluit genoemd praktische gedeelte van het centraal examen v.m.b.o., onderscheiden in een cspe (centraal schriftelijk en praktisch examen) voor de beroepsgerichte vakken en een cpe (centraal praktisch examen) voor de beeldende vakken;
-
•'tweede examinator': de door de directeur aangewezen medebeoordelaar van een examentoets;
-
•'Examenbesluit': het Eindexamenbesluit v.w.o.- ha.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o, dan wel het Staatsexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o. 2000.
Artikel 2. Beoordelingsnormen
-
1.De beoordelingsnormen voor de centrale examens worden weergegeven in een correctievoorschrift bij iedere toets. Dit bestaat uit:
-
a.regels voor de beoordeling, op grond van het Examenbesluit;
-
b.algemene regels, op grond van deze regeling;
-
c.vakspecifieke regels, op grond van een besluit van het College voor Examens op grond van artikel 6 of 12 van deze regeling;
-
d.een beoordelingsmodel bij iedere toets.
-
2.Het correctievoorschrift, bedoeld in het eerste lid, wordt ingericht met inachtneming van de Bijlagen 1 en 3. In afwijking hiervan wordt het correctievoorschrift voor het centraal schriftelijk en praktisch examen vmbo ingericht met inachtneming van de Bijlagen 2 en 3.
-
3.De directeur stelt na de afname van een toets het correctievoorschrift aan de examinator ter beschikking.
-
4.In uitzonderingsgevallen kan het College voor Examens beslissen, dat bij een toets geen beoordelingsmodel wordt gevoegd.
Artikel 3. Algemene regels
-
1.Voor de uitvoering van een opdracht worden door de examinator en door de gecommitteerde, dan wel de tweede examinator, scorepunten toegekend, in overeenstemming met het bij de toets behorende correctievoorschrift. Scorepunten zijn de gehele getallen 0, 1, 2, .., n, waarbij n het maximaal te behalen aantal punten voor een opdracht is.
-
2.Scorepunten worden toegekend met inachtneming van de volgende regels.
-
a.Indien een opdracht volledig juist is uitgevoerd, wordt het maximaal te behalen aantal scorepunten toegekend.
-
b.Indien een opdracht gedeeltelijk juist is uitgevoerd, wordt een deel van de te behalen scorepunten toegekend in overeenstemming met het beoordelingsmodel.
-
c.Indien een opdracht is uitgevoerd op een wijze die niet in het beoordelingsmodel voorkomt en deze uitvoering op grond van aantoonbare, vakinhoudelijke argumenten als juist of gedeeltelijk juist aangemerkt kan worden, worden scorepunten toegekend naar analogie of in de geest van het beoordelingsmodel.
-
d.Indien in het beoordelingsmodel verschillende mogelijkheden zijn opgenomen, gescheiden door het teken / gelden deze mogelijkheden als verschillende formuleringen van hetzelfde (gedeelte van het) antwoord.
-
e.Indien in het beoordelingsmodel een gedeelte van het antwoord tussen haakjes staat, behoeft dit gedeelte niet in het antwoord van een kandidaat voor te komen.
-
f.Indien in een opdracht een fout is gemaakt die de verdere uitwerking van de opdracht beïnvloedt, mag alleen die fout en niet de invloed van die fout op de verdere uitwerking worden aangerekend, tenzij daardoor de opdracht aanzienlijk vereenvoudigd wordt of tenzij in het beoordelingsmodel anders is vermeld.
-
g.Een zelfde fout in de uitvoering van verschillende opdrachten moet steeds opnieuw worden aangerekend, tenzij in het beoordelingsmodel anders is vermeld.
Artikel 4. Algemene regels specifiek voor de beoordeling van schriftelijke toetsen
-
1.Indien een voorbeeld, reden, uitwerking, citaat of andersoortig antwoord gevraagd wordt, wordt uitsluitend het eerst gegeven antwoord beoordeeld.
-
2.Indien meer dan een voorbeeld, reden, uitwerking, citaat of andersoortig antwoord gevraagd wordt, worden uitsluitend de eerst gegeven antwoorden beoordeeld, tot maximaal het gevraagde aantal.
-
3.Indien in een antwoord een gevraagde verklaring of uitleg of afleiding of berekening ontbreekt dan wel foutief is, worden 0 scorepunten toegekend tenzij in het beoordelingsmodel anders is aangegeven.
-
4.Het juiste antwoord op een meerkeuze vraag is de hoofdletter waarmee de juiste keuzemogelijkheid bij de vraag is aangeduid. Voor het juiste antwoord wordt 1 scorepunt toegekend, tenzij in het beoordelingsmodel een ander aantal punten is aangegeven, voor ieder ander antwoord 0 scorepunten.
Artikel 5. Algemene regels specifiek voor de beoordeling van cspe en cpe
-
1.Mocht tijdens het examen een hulpmiddel niet werken en dit is niet te wijten aan het verkeerd gebruik door de kandidaat dan mag dat geen invloed hebben op de beoordeling van de kandidaat. De kandidaat mag daar in tijd en scorepunten niet door benadeeld worden.
-
2.Indien een kandidaat binnen de gestelde tijd een (deel)opdracht opnieuw wil uitvoeren om de prestatie te verbeteren, wordt de kandidaat daartoe in de gelegenheid gesteld. Voor zover van toepassing stelt de examinator de daarvoor benodigde materialen ter beschikking.
Artikel 6. Vakspecifieke regels en beoordelingsmodel
De vakspecifieke regels en het beoordelingsmodel bij iedere toets, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder c en d, worden door het College voor examens vastgesteld voor elk van de vakken zoals vermeld in bijlage 3, en maken na bekendmaking deel uit van die bijlage.
Artikel 7. Vermeende fouten
-
1.Indien de examinator of de gecommitteerde meent dat in een toets of in het beoordelingsmodel bij die toets een fout of onvolkomenheid zit, beoordeelt hij het werk van de kandidaten alsof toets en beoordelingsmodel juist zijn.
-
2.Degene die in de toets of het beoordelingsmodel een fout of onvolkomenheid meent te hebben geconstateerd kan deze fout aan het College voor Examens meedelen.
-
3.Deze mededeling wordt voorgelegd aan de desbetreffende vakcommissie, en indien deze de mededeling als juist aanmerkt, kan de vakcommissie de voorzitter adviseren een beslissing op grond van artikel 10 te nemen.
-
4.Het is niet toegestaan zelfstandig af te wijken van het beoordelingsmodel. Met een eventuele fout wordt bij de bepaling van het cijfer voor het centraal examen zoals bedoeld in artikel tweede lid onder e, van de wet College voor Examens, rekening gehouden.
Artikel 8. Noteren scorepunten
-
1.De examinator vermeldt op een lijst de namen of nummers van de kandidaten, het aan iedere kandidaat voor iedere opdracht toegekende aantal scorepunten en het totaal aantal scorepunten van iedere kandidaat.
-
2.De directeur zendt van iedere toets de scores van een aantal kandidaten voor een door het College voor Examens te bepalen datum aan een door het College voor Examens te bepalen adres.
-
3.Het College voor Examens geeft aan van welke kandidaten de scores aan dat adres worden gezonden.
Artikel 9. Toekennen scorepunten
-
1.Voor een toets kan maximaal het aantal scorepunten worden behaald dat de som is van de maximale scores van de vragen waaruit de toets bestaat; de maximumscore van de toets wordt in het correctievoorschrift en voorop de toets vermeld.
-
2.Scorepunten worden met inachtneming van het beoordelingsmodel toegekend op grond van de uitvoering door de kandidaat van iedere opdracht. Er worden geen scorepunten vooraf gegeven.
-
3.De score voor de schriftelijke toets wordt als volgt verkregen. De examinator en de gecommitteerde stellen de score voor iedere kandidaat vast. Deze score wordt meegedeeld aan de directeur.
-
4.De score voor de praktische toets wordt als volgt verkregen. De examinator en de tweede examinator stellen de score voor iedere kandidaat vast. Deze score wordt meegedeeld aan de directeur.
Artikel 10. Afwijking
Het College voor Examens of de voorzitter, kan, de voorzitter van de betreffende vakcommissie gehoord, beslissen dat voor een of meer opdrachten aan alle kandidaten het maximale aantal scorepunten of ten minste een aantal kleiner dan het maximum aantal scorepunten wordt toegekend.
Artikel 11. Gebruik vaktaal
Indien een kandidaat op grond van een algemeen geldende woordbetekenis, zoals bij voorbeeld vermeld in een woordenboek, een antwoord geeft dat vakinhoudelijk onjuist is, worden aan dat antwoord geen scorepunten toegekend, of tenminste niet de scorepunten die met de vakinhoudelijke onjuistheid gemoeid zijn.
Artikel 12. Aanvullende regels
Het College voor Examens kan op voorstel van een vakcommissie beslissen, dat in het correctievoorschrift bij een toets aanvullende regels worden opgenomen, waaronder regels voor aftrek van scorepunten. Deze zijn evenzeer verbindend als hetgeen in deze regeling is voorgeschreven.
Artikel 13. Aanpassing
De voorzitter van het College voor Examens is gemachtigd de vaststellingen als opgenomen in Bijlage 3 op onderdelen aan te passen.
Artikel 14 Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking op 1 april 2010.
Artikel 15 Bekendmaking
-
1.Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
-
2.De vakspecifieke regels en beoordelingsmodellen per toets bedoeld in artikel 6 worden bekend gemaakt op de in bijlage 3 onder 2 opgenomen wijze.
Artikel 16. Intrekking
De Regeling beoordeling centraal examen 2009 wordt ingetrokken.
Artikel 17. Citeertitel
Deze regeling kan worden aangehaald als de Regeling beoordelingsnormen en bijbehorende scores centraal examen.
Het College voor Examens,
Namens deze, de voorzitter,
drs H.W. Laan
Toelichting
Algemeen
Ingevolge artikel 2, tweede lid, aanhef en onderdeel d, en achtste lid van de Wet College voor examens worden bij regeling de beoordelingsnormen en bijbehorende scores voor het centraal examen vwo, havo en vmbo vastgesteld. De beoordelingsnormen voor de centrale examens worden weergegeven in een correctievoorschrift bij iedere toets. Het Correctievoorschrift heeft vier onderdelen:
1 Regels voor de beoordeling
2 Algemene regels
3 Vakspecifieke regels
4 Beoordelingsmodel
De eerste twee onderdelen volgen uit het Eindexamenbesluit en deze regeling. Deze onderdelen gelden voor langere tijd, en veranderen alleen als de geciteerde bepalingen veranderen. De voorliggende regeling betreft verder het derde en vierde onderdeel, de vakspecifieke regels en het beoordelingsmodel met zijn voorschriften hoe het gemaakte examenwerk moet worden beoordeeld.
Gelet op het bijzondere karakter van correctievoorschriften kunnen deze niet voor de aanvang van de examens worden bekend gemaakt, dat gebeurt ingevolge artikel 2 lid 8 Wet College voor Examens op een andere geschikte, al dan niet elektronische, wijze. In bijlage 3 wordt aangegeven wanneer en op welke wijze de bekendmaking van de onderscheidende voorschriften plaatsvindt.
In de praktijk van de examens zijn er vijf verschillende situaties:
1. De openbare schriftelijke examens in de algemene vakken
Dit zijn bijna alle examentoetsen van het eerste tijdvak in mei, en de meeste examentoetsen van het tweede tijdvak in juni.
De beoordelingsnormen worden openbaar gemaakt nadat de betreffende examenzittingen zijn afgelopen. Dat gebeurt door publicatie op Examenblad.nl.
2. Examens die met geheimhouding worden afgenomen
Dit betreft in 2010 de vakken met een gering aantal kandidaten in het tweede tijdvak (de ' aangewezen vakken' zie de Regeling aangewezen vakken tweede tijdvak centrale examens 2010 ingevolge artikel 37 lid 4 Eindexamenbesluit), en het derde tijdvak.
3. Centraal praktisch examen (cpe)
De beoordelingsnormen voor de centraal praktisch examens in de vakken genoemd in bijlagen 1e en 3e worden voor de aanvang van de afnameperiode (zie de regeling Rooster en toegestane hulpmiddelen voor de centrale examens van de eindexamens en de staatsexamens vwo, havo en vmbo in 2010) aan de scholen gezonden. Publicatie van enige examendocument van het cpe is niet toegestaan voor september 2010.
4. Centraal schriftelijk en praktisch examen (cspe)
De beoordelingsnormen voor de centraal schriftelijk en praktisch examens worden voor de aanvang van de afnameperiode (zie de regeling Rooster en toegestane hulpmiddelen voor de centrale examens van de eindexamens en de staatsexamens vwo, havo en vmbo in 2010) aan de scholen gezonden. Publicatie van enige examendocument van het cspe is niet toegestaan voor september 2010.
5. Digitale flexibele examens
Bij deze examens dienen examinatoren het werk meteen te kunnen corrigeren nadat het gemaakt is. Zij kijken een deel van het werk na (alleen de open vragen). Omdat deze toetsen gespreid over een ruime periode op de scholen mogen worden afgenomen, dienen de opgaven en de beoordelingsnormen geheim te blijven. Een deel van de opgaven wordt in het volgende schooljaar gepubliceerd zodat examens met de nieuwe kandidaten geoefend kunnen worden.
Artikelsgewijs
Artikel 1 tot en met 5 en 7 tot en met 12
Deze artikelen zijn een voortzetting van de ingetrokken regeling beoordeling examen 2009.
Artikel 6
Bepaalt dat het College voor Examens de vakspecifieke regels en het beoordelingsmodel per toets vaststelt voor de in bijlage 3 aangegeven vakken.
Artikel 13.
Tijdens de examenperiode komt het een enkele maal voor dat een correctievoorschrift onvolledig of niet geheel juist blijkt, en dat de beste herstelmogelijkheid gelegen is in de aanpassing van het correctievoorschrift. De voorzitter van het College voor Examens is gemachtigd tot deze aanpassingen te beslissen.
Het College voor Examens,
Namens deze, de voorzitter,
drs H.W. Laan
Bijlagen
Let op! Voor het eindexamenjaar 2013 is bijlage 3 gewijzigd. Zie hieronder de juiste bijlage voor 2013.
.septembermededeling
.officiële publicaties
-
15 maart 2012
Centrale examens in 2012 voor vwo, havo, vmbo (Maartmededeling) -
14 februari 2012
Wijziging van de Regeling vaststelling van de beoordelingsnormen en de daarbij behorende scores voor het centraal examen vwo, havo, vmbo -
13 september 2011
Mededelingen over de eindexamens 2012 voor vwo, havo, vmbo en vavo (Septembermededeling) -
2 juni 2011
Regeling elementcodetabel VO, opleidingentabel volwasseneneducatie en vakcodetabel VO en volwasseneneducatie schooljaar 2011–2012 -
19 april 2011
Regeling syllabi centrale examens VO 2013 en nadere vaststelling syllabi 2012 -
15 december 2010
Regeling syllabi centrale examens VO 2012 -
22 juni 2010
Regeling rooster en toegestane hulpmiddelen voor de centrale examens van de eindexamens en de staatsexamens vwo, havo en vmbo in 2012 -
24 maart 2010
Regeling beoordelingsnormen en bijbehorende scores centraal examen -
1 april 2009
Wijziging van de Regeling examenprogramma’s voortgezet onderwijs -
11 juli 2008
Regeling intra- en intersectorale programma's v.m.b.o.
